Fokinformatie

 

Fokken met uw Barbet, hoe pakt u dat aan?

Wanneer u het plan heeft opgevat met uw teef een nestje te gaan fokken of uw reu in te zetten voor de fokkerij, kunt u allereerst voor informatie hierover terecht bij de commissie fokzaken. Stuur dan een mail met uw vragen naar fokzaken@barbetclub.com.

De Raad van Beheer op Kynologisch gebied in Nederland geeft voorlichting over voortplanting met rashonden via een module die u via deze link kunt doornemen. 

Wat zijn de belangrijkste vragen die u uzelf kunt stellen in dit geval? 

Te beginnen zijn daar de basale vragen zoals:

Heb ik voldoende tijd voor het begeleiden van de drachtige teef en het onderhoud van de puppy’s als die eenmaal geboren zijn?

Hoe vind ik de meest geschikte reu voor mijn teef of is de teef die door mijn reu gedekt gaat worden wel een geschikte combinatie?

Wanneer zou de dekking moeten gebeuren, hoe weet ik wat het juiste moment is?

Heb ik voldoende gegadigden voor de puppy’s straks, en hoe weet ik of ze naar de juiste mensen gaan?

Dit zijn allemaal relevante vragen, het voert echter te ver deze allen te beantwoorden in dit artikel. Via fokzaken kunnen we u hierover advies geven of in contact brengen met een meer ervaren fokker. In dit artikel gaan we in op enkele belangrijke criteria voor de keuze van de juiste combinatie voor een dekking. 

1. Het verzamelen van informatie

Naast contact opnemen met fokzaken kunt u voor een geschikte combinatie rondkijken bij rasverenigingen in het buitenland of contact opnemen met clubfokkers. Via foto’s en filmpjes krijg je vaak een aardige indruk van het type hond. Het is verstandig gegevens over meerdere kandidaten te verzamelen. Check via de database van de Raad van Beheer of de kandidaten al nageslacht hebben. Hoeveel nesten, en wanneer? Met oudere of meerdere nesten is het wellicht mogelijk na te gaan hoe het staat met de gezondheid van het nageslacht. 

Zorg er voor dat je voldoende gegevens verzameld over de gezondheid van je eigen Barbet. Zo zijn er de verplichte onderzoeken als heupdysplasie, ECVO oogonderzoek en het laten vaststellen van een DNA-profiel

Bespreek je plannen ook eens met een ervaren fokker waarin je vertrouwen hebt. Mocht je die niet kunnen vinden, neem dan contact op met de commissie fokzaken. Ga zeker ook op shows kijken. Allereerst natuurlijk de KCM van onze vereniging, maar ook bijvoorbeeld op de Winner show daar doen altijd relatief veel Barbets aan mee. Doe mee met wandelingen zoals georganiseerd door onze vereniging (link) en leg contact met eigenaren van reuen. Op die manier krijg je een indruk van het karakter en gedrag van de reu. Nogmaals, aarzel niet om meerdere reuen te bekijken. Vraag de eigenaren nadrukkelijk naar eventuele bijzonderheden ten aanzien van gezondheid en gedrag.

Bij de Barbetclub is het bekend dat er relatief weinig reuen beschikbaar zijn en we proberen dan ook eigenaren te stimuleren hun reu minimaal een keer beschikbaar te stellen voor de fok. Bedenk daarbij dat een geschikte reu niet altijd kampioenstitels hoeft te hebben. Immers, niet elke eigenaar van een Barbet is een fervent bezoeker van hondenshows, terwijl de hond wel degelijk een uitmuntende vertegenwoordiger van de rasstandaard kan zijn!

Een keuze voor een juiste combinatie is gebaseerd op drie pijlers: gezondheid, karakter en uiterlijk. Alle drie moeten oké zijn, maar als gezondheid en karakter top zijn, mag er best een klein schoonheidsfoutje qua uiterlijk over het hoofd worden gezien, zeker zolang de populatie relatief klein is. In het fokreglement van de rasvereniging hebben we belangrijkste richtlijnen voor deze pijlers vastgelegd. Het meest recente Fokreglement kunt u hier vinden.

2. Gezondheid: onderzoeken

Met honden die lijden aan één of meer van de onderstaande aandoeningen mag niet worden gefokt (zie tevens het fokreglement):

  • HD met een andere combinatie dan: A/A, A/B, B/B, A/C (mits de hond met HD C heupen beide ouders heeft met een uitslag HD A).
  • ECVO: PRA en Cataract.
  • Gevalideerde genetische afwijking, op dit moment zijnde (PRA-prcd), in een andere combinatie dan: vrij x vrij of vrij x drager. Uitbreidingen op deze lijst zullen door het bestuur bekend gemaakt worden.

We  gaan er vanuit dat de a.s. moederhond aan alle eisen voldoet. Vervolgens informeer je bij de fokker waar je de hond kocht of er mogelijk erfelijke ziektegevallen van broertjes of zusjes van je hond bekend zijn en als het kan van de grootouders en de overgrootouders. Vraag of er vroegtijdige sterfgevallen waren en zo ja, vooral ook de oorzaken daarvan.

3. Karakter: ken uw hond

U kent uw eigen Barbet het beste, is de hond evenwichtig van gedrag of nerveus en schrikachtig. Gaat uw Barbet vrolijk op andere honden of mensen af of benaderd uw hond ze voorzichtiger. Is uw Barbet dominant of juist onderdanig. Is uw hond actief en speels of juist minder actief en onverschillig naar andere honden. Zijn er eigenschappen waarin uw hond  uitblinkt zoals speuren, apporteren, hondensport, jacht, naast de fiets lopen e.d.? Dergelijke eigenschappen vertellen iets over zowel het sociale karakter als de intelligentie en leergierigheid van uw Barbet.

Mocht je Barbet aan de nerveuze kant zijn, heroverweeg dan of je deze hond wilt inzetten voor de fok. Praat er over met de fokker van je Barbet en ga na of dit ook voor diens nestgenoten geldt. Bij twijfel niet doen!

4. Uiterlijk: Rasstandaard

Wat vindt u zelf sterk of aantrekkelijk aan de bouw van uw hond en komt dat overeen met de rasstandaard? De kenmerken van de rasstandaard vind u op de betreffende pagina. Heeft de Barbet een hoofd van voldoende breedte en een snuit die ietsje korter is dan de schedel? Is het gebit voldoende scharend zonder naar binnen gegroeide tanden? Verder, een stevige nek, enigszins geronde ribben, voorborst, een rond achterlichaam en een passend aangezette staart met aan het eind een haak(je). Voldoende gehoekt voor en achter, met rechte benen en brede voeten. Hoe staat het met de vacht? Gekruld, dicht, stevig, of juist wat golvend. Lees de beoordelingen van het uiterlijk van de Barbet nog eens door van de shows waaraan die heeft deelgenomen of andere inventarisaties waarin de hond is beoordeeld. Wilt u meer weten over het uiterlijk van de Barbet kijk dan op de betreffende pagina op deze site. Het is vanzelfsprekend verstandig de rasstandaard nadrukkelijk mee te laten tellen. Als wat u zelf mooi vindt duidelijk afwijkt van de rasstandaard dan hebt u waarschijnlijk het verkeerde ras gekozen!

Binnen de rasstandaard zijn toleranties qua uiterlijk beperkt, maar er kan gekozen worden voor een bepaalde versie, die nog steeds binnen de grenzen daarvan mogelijk is. Op grond hiervan besluit u wat u van de te kiezen reu (of teef) verwacht. Kiest u voor een lijn met een bepaalde schofthoogte? Vindt u de kleur belangrijk of wilt u juist meer variatie? Heeft u voorkeur voor de meer oorspronkelijke type van een dichte gekrulde vacht of gaat u meer in de richting van een golvende vacht? Is voor u een goed gangwerk belangrijk en wilt u dat graag voortgezet zien in de pups? Al deze kenmerken worden beoordeeld tijdens shows en keuringen. Vraag naar de keuringsrapporten of kijk die na op onze site op deze pagina.

Stel vast wat de sterke punten van uw Barbet zijn voor wat betreft de bouw en wat u in het nageslacht zou willen verbeteren of juist handhaven. Wat betreft eventuele minpunten die u zou willen verbeteren, is het zaak goed te bekijken in hoeverre de geplande combinatie dergelijke minpunten inderdaad verbeteren zal.

5. Inteelt en ouderschapsverlieswaarde

Het ras van Barbet is relatief klein, zelfs internationaal. Hierdoor is het risico van inteelt redelijk hoog. Advies van de Raad van Beheer is om maximaal 5% bij 5 generaties aan te houden. Er bestaan drie stamboomdatabases voor de Barbet op internet:

Deze drie bovengenoemde databases geven helaas niet altijd dezelfde informatie over de stambomen. Dit helpt dus niet als u onderzoek probeert te doen naar de bloedlijnen van specifieke Barbets. U kunt natuurlijk de database die u wilt gebruiken controleren op de stambomen van de combinatie die u in de dekking wilt gaan gebruiken. De databases maken verder geen verschil tussen de twee soorten Barbets. Vooral de in de oudere generaties bestaan er regelmatig verschillen in de individuele voorouders, en bij meer dan 5 generaties komt het nog al eens voor dat voorouders niet bekend zijn. Naast het inteeltcoëfficiënt heeft het ook zin naar het aantal unieke voorouders te kijken, omdat vooral in oudere generaties bepaalde voorouders meermalen in de stamboom kunnen voorkomen. Dit is de verhouding tussen zogenaamde unieke voorouders en het totaal aantal voorouders (ouderschapsverlieswaarde ook weergegeven als AVK).  Om verstandig te fokken moet deze OVW of AVK eigenlijk minimaal 85% zijn! In geval van de Barbet is dat vaak een moeilijk streven. Toch moeten we hier op letten om inteeltdepressie tegen te gaan.

 

WILT U MEER WETEN OVER HET FOKKEN VAN BARBETS?

Neem contact op